donderdag 27 februari 2014

Achterbank


Vorige maand was o zo vruchtbaar voor taxipraatjes, en deze maand? Vergeet het maar! Ligt het nou aan mij? Luister ik minder goed? Ben ik minder alert? Heb ik teveel andere dingen aan mijn hoofd? Ik denk het niet. Het is gewoon een feit dat ik deze maand geen bijzondere voorvallen meemaakte of rare uitspraken hoorde. Natuurlijk waren er wel enkele kleine dingen, maar die zijn zo duidelijk op de persoon herleidbaar dat ik er hier niet over wil schrijven.

zondag 2 februari 2014

Cruise control



Ik ben er weer helemaal klaar voor, vandaag ga ik weer een dagje oefenen in het cruise control spelen. Volgens de planning krijg ik dadelijk een Volkswagen Caddy, waarin je behalve vier zitplaatsen ook nog een rolstoelplaats hebt. Fijne auto, maar zonder cruise control, dus zal ik zelf de snelheid vast moeten houden. En om een of andere reden valt me dat vies tegen. 

woensdag 29 januari 2014

Zigeuners




Vanmiddag moest ik in een Eindhovens ziekenhuis een uurtje wachten op een taxiklant. Ik zat daar aan een leestafel, tegenover mij zaten een vrouw met een enigszins Indiaas uiterlijk en een oudere man die op haar leek. Zij spraken samen een taal die ik absoluut niet kon thuisbrengen, terwijl ik meestal toch vrij goed hoor uit wat voor taalgebied en uit wat voor regio een taal komt. Er zaten soms woorden tussen die enigszins Duits klonken, maar Jiddisch was het beslist niet. Opeens hoorde ik dat die vrouw regelmatig 'Tata' tegen de man zei. Toen viel het kwartje.
"Mag ik eens vragen, die taal die jullie spreken, is dat soms Sinti?"
Goed gegokt.

zondag 19 januari 2014

Paniek



Een kat in het nauw maakt vreemde sprongen en van een mens in paniek kun je ook gekke dingen verwachten. Maar wat is paniek, hoe lang duurt dat? En wanneer gaat het over in een 'state of mind'?

Grote, tragische levensgebeurtenissen hebben een impact. Aanvankelijk reageer je vol ongeloof. Je ontkent het en op die manier geef je jezelf de kans om de waarheid in porties diep door te laten dringen. Vervolgens komt er een periode waarin je boos bent, protesteert, misschien zelfs een ander de schuld in de schoenen schuift. Maar dat werkt niet, dat merk je vanzelf. Als boos worden niet helpt, ga je vechten, behandelen of onderhandelen, of allemaal tegelijk. Maar nee, dat werkt ook niet. Als je dan helemaal geen uitweg meer ziet, slaat de depressie toe. Pas wanneer je inziet dat er niet meer te vechten valt en je jouw verdriet gaat accepteren, komt de berusting. 

Ergens in dat hele proces zit de paniek verscholen.

zaterdag 11 januari 2014

Evenwicht




"Arno, waar ben je? Help me alsjeblieft, ik kan niet verder."
"Rustig maar Hielke, ik ben hier, vlakbij. Kom, geef me maar een hand, dan help ik je wel naar buiten."

Ik sta naast mijn taxi en neem waar. Het is niet de eerste keer dat ik dit stel ophaal en steeds opnieuw treft het me. Alle blinde mensen die ik vervoer -en geloof me, dat zijn er heel wat- verbazen me steeds met hun zelfstandigheid, hun zelfredzaamheid en hun opmerkingsgave. Ze functioneren prima als ze zich door de grote boze buitenwereld moeten verplaatsen. Er zijn er maar weinig die hulp willen, meestal reageren ze zoals veel mensen met een beperking: "Dat kan ik zelf wel". Behalve Hielke. Zonder haar man is Hielke nergens, zelfs niet als ze nog in de deuropening van haar eigen huis staat. Zoals nu dus. 

vrijdag 10 januari 2014

Nier




Ik ben de hele dag al blij, blij voor een taxiklant van me. En nu ben ik intussen al weer enkele uren thuis en ik voel me nog steeds blij, blij voor meneer C.

Drie keer per week is het vast prik, dan halen mijn collega’s of ik eerst mevrouw M op en daarna twee straten verder meneer C. Altijd gaan ze samen naar de dialyse en altijd gaan ze ook weer samen naar huis.

dinsdag 7 januari 2014

Automerk


Deze week had ik een dame in de auto die echt overal verstand van had. Dat is geen geintje, dat meen ik. Alleen op het gebied van auto's liet ze het een beetje afweten. 

“Oh, chauffeur, moet u eens kijken wat een leuke auto. Volgens mij is die al heel oud.”
“Dat is een Volvo mevrouw, zo van rond 1960. Die noemen ze ook wel kattenrug, vanwege die hoge, afgeronde achterkant.”
“Wat een toepasselijke naam. En ik vind het echt een scheetje van een auto.”

Zeuren



Soms maak je in de taxi dingen mee waar je nederig van wordt. Dingen, waardoor je je haast gaat schamen voor jouw eigen gezeur, gemekker en gedoe. Dingen, waardoor je jezelf voorneemt om maar eens even je mond te houden, de volgende keer dat ‘het leven’ iets anders wil dan jij.

Vandaag haalde ik een moeder op die met haar zoontje van een jaar of  acht, negen misschien, naar een feestje wilde. Niks bijzonders, zou je zeggen. Maar wel als je weet dat moeder volledig verlamd in een stoel ligt. Ze heeft een locked-in-syndroom, het enige dat ze nog kan is horen en recht vooruit kijken of omhoog kijken. Ze ligt aan de beademing, ze krijgt sondevoeding en ze is volledig afhankelijk van een begeleidster die alles controleert, verzorgt, regelmatig met een ballon-met-zo'n-zuigding het overtollige slijm afzuigt en verder alles regelt.

Hemodialyse



Voor de afwisseling haal ik nu eens een dialysepatiënt in Eindhoven op. 
In het Catharinaziekenhuis wachten taxichauffeurs en de gedialyseerd patiënten aan enkele huiskamertafels op elkaar. Dat nodigt gemakkelijk uit tot een praatje, ik zit dan ook nog maar net of een verpleegkundige brengt een gedialyseerde mevrouw bij de tafel. “Bent u…” beginnen we allebei tegelijk. Mis, zij zoekt een chauffeur van Taxi Van Gerwen (“Ik dacht al, die draagt toch een ander uniform?”), ik zoek een mevrouw die naar Schaijk moet. 

Hill Street Blues



Wie kent Hill Street Blues nog? Vooral als je vóór 1970 geboren bent, weet je nog wat voor impact die serie had: de hectiek, de vele verhaallijnen en de menselijke emoties en dat allemaal door elkaar. Tegenwoordig is dat normaal, maar toen was het WOW.

Nou, zoiets was mijn taxidag vandaag: